Advies

Teken en vlooien bij de kat: controleren en voorkomen

Door

Teken en vlooien horen bij het buitenleven van een kat, maar ze zijn meer dan alleen vervelend. Vlooien veroorzaken jeuk en kunnen allergieën en lintworm overbrengen, en een teek kan ziektes doorgeven. Gelukkig is er veel aan te doen met regelmatige controle, de juiste aanpak bij een vondst en preventie die past bij het leven van jouw kat. Hieronder lees je hoe je dat praktisch aanpakt zonder in paniek te schieten.

Regelmatig controleren

De basis is simpel: kijk en voel regelmatig door de vacht van je kat. Doe dit het liefst op een vast, ontspannen moment, bijvoorbeeld tijdens een knuffel of het borstelen. Ga met je vingers tegen de haargroei in en voel of je bultjes of vastzittende teken tegenkomt. Teken zitten vaak op plekken met dunne huid: rond de kop, oren, nek, oksels en liezen.

Voor vlooien gebruik je een fijne vlooienkam. Kam de vacht en klop wat je opvangt uit boven een vochtig wit vel of keukenpapier. Zie je zwarte korreltjes die op nat papier roodbruin uitlopen, dan is dat vlooienpoep (verteerd bloed) en heeft je kat vlooien. Deze controle is meteen een fijn moment voor de vachtverzorging; meer daarover lees je in Verharen in de zomer.

Een teek veilig verwijderen

Vind je een teek, verwijder ‘m dan zo snel mogelijk, want hoe langer de teek vastzit, hoe groter de kans op overdracht van ziekteverwekkers. Werk rustig en met het juiste gereedschap:

  • Gebruik een tekentang of tekenhaakje, geen gewoon pincet dat de teek platknijpt.
  • Pak de teek zo dicht mogelijk bij de huid, dus niet bij het lijfje.
  • Draai of trek rustig en gelijkmatig tot de teek loslaat; ruk niet.
  • Controleer of de kop niet is achtergebleven en ontsmet daarna de plek.
  • Smeer vooraf niets op de teek, geen olie, alcohol of zeep; daardoor geeft de teek juist meer speeksel af.

Houd de plek een paar dagen in de gaten. Zie je een uitbreidende rode kring, of wordt je kat sloom, ga dan naar de dierenarts en vermeld de tekenbeet.

Vlooien aanpakken

Heeft je kat vlooien, dan behandel je niet alleen het dier maar ook de omgeving. Slechts een klein deel van de vlooienpopulatie zit op je kat; de rest, in de vorm van eitjes, larven en poppen, zit in kleden, manden, kieren en de bank. Behandel je kat met een middel dat je dierenarts adviseert, en pak tegelijk het huis aan: stofzuig grondig en frequent, was mandjes en dekens op hoge temperatuur en behandel eventueel de omgeving. Doe je dat niet, dan komen de vlooien telkens terug. Leven er meerdere dieren in huis, behandel die dan in overleg allemaal.

Preventie kiezen

Voorkomen is prettiger dan bestrijden. Er zijn verschillende soorten middelen: pipetten (spot-on) in de nek, tabletten, en banden. Welk middel en welk ritme passen, hangt af van je kat en het risico dat het dier loopt. Belangrijk: gebruik nooit zomaar een hondenmiddel bij een kat. Sommige stoffen die voor honden veilig zijn, zijn giftig voor katten. Laat je daarom adviseren door je dierenarts en volg de voorschriften nauwkeurig.

Een enkel praktisch aandachtspunt: teken worden actief zodra het een paar dagen wat warmer is, tegenwoordig vaak een groot deel van het jaar. Reken dus niet op alleen de zomer, maar stem je preventie af op het klimaat en het gedrag van je kat.

Binnenkat versus buitenkat

Het risico verschilt sterk per kat. Een buitenkat die door tuinen, struiken en hoog gras struint, loopt logischerwijs veel meer kans op teken en vlooien. Voor zo’n kat is structurele preventie en frequente controle verstandig, zeker in het warme seizoen.

Een binnenkat loopt minder risico, maar het is niet nul. Vlooien en teken liften mee naar binnen op jouw kleding, op een hond die wel naar buiten gaat, of via een muis of insect dat de kat vangt. Controleer daarom ook een binnenkat af en toe, vooral als er andere dieren in huis komen. Voor de binnenkat is behandeling op indicatie vaak voldoende, maar overleg met je dierenarts wat in jouw situatie het beste past. Zo houd je de zomer prettig, voor jou en voor je kat.

Veelgestelde vragen

Hoe verwijder ik een teek bij mijn kat?

Gebruik een tekentang of tekenhaakje. Pak de teek zo dicht mogelijk bij de huid, draai of trek rustig en gelijkmatig, en let op dat de kop niet achterblijft. Gebruik geen alcohol, olie of vuur vooraf; daardoor kan de teek juist meer speeksel afgeven. Ontsmet de plek na en houd 'm een paar dagen in de gaten.

Kan een binnenkat ook vlooien of teken krijgen?

Ja. Vlooien en teken kunnen mee naar binnen liften op jouw kleding, op een andere huisdier of via een insect. Het risico is kleiner dan bij een buitenkat, maar niet nul. Controleer daarom ook een binnenkat af en toe, zeker als er andere dieren over de vloer komen.

Hoe weet ik of mijn kat vlooien heeft?

Let op veel krabben, bijten in de vacht en onrust. Kam je kat boven een vochtig wit vel met een vlooienkam: zwarte korreltjes die roodbruin uitlopen op nat papier zijn vlooienpoep en dus een teken van vlooien. Soms zie je de vlooien zelf snel wegschieten in de vacht.

Hoe vaak moet ik mijn kat tegen vlooien behandelen?

Dat hangt af van het middel en van hoeveel risico je kat loopt. Volg altijd de voorschriften van het middel of het advies van je dierenarts. Voor een buitenkat is jaarrond of seizoensgebonden preventie vaak verstandig, voor een binnenkat kan controle en behandeling op indicatie voldoende zijn.

Aanbevolen producten

Passende producten om te vergelijken. Affiliate-links; prijs en beschikbaarheid zie je bij de webshop.